Oven voorverwarmen op 160 graden.
Scheid de eiwitten van de eierdooiers.
In een keukenrobot met K-klopper of in een kom van je mixer met kneedhaken, klop je de zachte boter met de polenta, het poeder van de amandelen, de eierdooiers (voeg deze 1 voor 1 toe), een beetje zout en 60 gram vanillesuiker tot een homogeen mengsel.
Smelt de 300 gram chocolade in een pot op een zeer laag vuurtje onder voortdurend roeren zodat de chocolade niet verbrandt.
Klop de gesmolten chocolade bij de rest van het cakebeslag.
Voeg de 60 gram vanillesuiker bij de eiwitten en klop ze in een andere kom volledig stijf (met propere kloppers uiteraard!).
Spatel het stijfgeklopte eiwit doorheen het cakebeslag, stort in de beboterde en bebloemde springvorm en laat een klein uurtje bakken in de oven (test na 50 minuten of een riem er weer droog uitkomt). Zoja, dan haal je de cake uit de oven, anders laat je hem 10 minuten langer bakken en test je opnieuw.
Laat de cake afkoelen alvorens af te werken.
Klop de room met de 40 gram vanillesuiker stijf op: zorg ervoor dat de room ijskoud uit de koelkast komt. Doe de opgeklopte room na het kloppen in een spuitzak en leg opnieuw in de ijskast.
Voor de ganache neem je een sauspannetje waarin je de boter smelt in de room op een matig vuur. Breek er dan de chocolade in, haal van het vuur en roer totdat alle chocolade gesmolten is.
Zet de afgekoelde cake op een rooster, bovenop een bakplaat met boterpapier, zodat je de chocolade die gemorst wordt makkelijk kan opkuisen (lees "lekker zelf smullen" ).
Giet de ganache over de afgekoelde cake, smeer uit over de top en de rand en laat opstijven.
Werk de chocoladecake af door er slagroom over te spuiten naar believen of strooi er geraspte nootjes of witte chocoladeschaafsels of amandelschaafsels over.