Kruid het stoofvlees met peper, zout en paprikapoeder.
Smelt een klont hoeveboter in een grote stoofpot.
Snijd ondertussen de champignons in 4 en voeg toe als de boter bruin kleurt.
Versnipper 1 ui en een teentje look en voeg toe bij de champignons. Laat samen enkele minuten stoven en haal uit de pot.
Doe terug een klein klontje boter in de stoofpot en voeg het gekruide kalfsstoofvlees toe. Bruin aan 1 kant aan en draai dan pas om ook de andere kanten aan te bruinen.
Laat ondertussen de zilveruitjes weken in warm water zodat ze makkelijker pellen.
Strooi de bloem over het gebruinde vlees, roer goed om en laat de bloem even meestoven op een laag vuurtje: zorg er dus voor dat de bloem niet aanbakt aan de bodem.
Blus met wat bouillon en schraap met een houten lepel de aanbaksels los van de bodem van de stoofpot.
Voeg meer bouillon toe, net totdat het vlees onder staat, voeg laurierblaadjes, kruidenbuiltje of thee-eitje toe, zet het deksel bijna volledig op de pot en laat gaar sudderen (vraag uw slager om raad, reken minstens 1 tot
anderhalf uur).
Ondertussen maak je de gehaktballetjes en de zilveruitjes. Het gehakt ga je in een kom gewoon kruiden met peper en zout. Rol tot balletjes en leg in een kom met bloem. Als alle balletjes gerold zijn, laat je ze gaar sudderen
in kokende bouillon tot de balletjes boven drijven: haal ze dan weer uit de bouillon.
Schil de zilveruitjes.
Smelt een klontje hoeveboter in een sauspotje, leg er de zilveruitjes in 1 laag op de bodem in, strooi er wat suiker over en laat rustig glaceren. Giet er dan een pollepel van de bouillon van de gehaktballetjes over en laat
onder deksel verder een 10tal minuten garen op een zacht vuurtje.
Kook ondertussen aardappelen gaar.
Als het stoofvlees gaar is, voeg je de champignons, gehaktballen en zilveruitjes toe.
Maak een liaison (binding) door de eierdooier los te kloppen, voeg er de room aan toe en roer goed door elkaar.
Neem de kalfsfricassee van het vuur en roer er de dooier-room-liaison door.
Proef en breng op smaak naar wens met peper, zout, muskaatnoot en enkele druppels citroensap.
Serveer met gekookte aardappelen.