Verhit boter in een brede soeppot en bak de stukken ossenstaart rondom goudbruin. Haal uit de pot.
Bak in dezelfde pot ui, wortel, selder en prei aan tot ze licht kleuren. Voeg knoflook toe en roer even rond tot het aroma vrijkomt.
Roer tomatenpuree en bloem erdoor en laat kort meebakken.
Blus met rode wijn en schraap aanbaksels los.
Voeg bouillon, laurier, tijm, peperkorrels en kruidnagels toe. Breng aan de kook.
Doe de ossenstaart terug in de pot. Laat 2,5–3 uur zacht sudderen tot het vlees volledig mals is.
Haal het vlees uit de soep, zeef de bouillon en duw de groenten aan voor extra smaak.
Pluk het vlees van de staart en voeg terug toe.
Breng op smaak met zout en peper en werk af met peterselie.
Notities
De soep smaakt nog beter de dag nadien.
Voor een diepere smaak, kan je een scheut rode wijn of vermout toevoegen net voor het serveren.
Wil je dikkere soep serveren? Kook dan zoals mijn grootmoeder enkele sneden bruin brood mee bovenaan in de soeppot. Na koken, voorzichtig uit de pot nemen, bouillon zeven en brood weer in de soep. Pureren, opkoken en laten indikken.