Wie met witte asperges werkt, die schilt alle asperges en kook slechts 4 asperges met alle schillen af in licht gezouten water (tussen 750 en 1000 ml). Zorg ervoor dat de asperges niet te mals worden. Wie met groene asperges werkt, hoeft de 4tal asperges dus niet te schillen. Wel de voeten breken van de asperges en kook met de voeten de stengels beetgaar.
Smelt ondertussen de boter in een soeppot met dikke bodem en stoof er de grof gesneden ajuinen, prei, selder en de in stukjes gesneden rauwe asperges in aan. Voeg ook de knoflookteentjes toe, tijm en laurier en laat rustig aanstoven (roer zo nu en dan om): zorg ervoor dat de ajuinen of de prei niet bruin worden, dus houd het vuur heel zachtjes.
Giet er dan 750 ml van het kookvocht van de asperge bij, breng aan de kook en laat een kwartiertje sudderen tot alle soepgroenten gaar gekookt zijn.
Verwijder het laurierblad en de tijmtakjes uit de soep en pureer met de staafmixer. Indien gewenst kan je de soep ook nog zeven.
Voeg de room toe, kruid met peper en zout en pureer nogmaals met de staafmixer. Proef en pas de kruiding indien nodig verder aan. Wie met groene asperges werkt, die pureert er enkele verse basilicumblaadjes mee door.
Neem een klein blendertje, scheur hierin wat basilicumblaadjes, voeg de room toe en mix het geheel tot een licht opgeklopte room (maak geen boter, dus niet te lang mixen met het blendertje).
Laat de overgehouden aspergestengels warm worden in de hete aspergesoep en serveer onmiddellijk met de groene room.